De klinisch psycholoog als meester van de eigen expertise. Of toch niet?

De Belgische GGZ is in beweging. In 2016 werd klinische psychologie erkend als een autonoom gezondheidszorgberoep, een doorbraak waar alle beroepsverenigingen jarenlang voor hebben geijverd. Deze erkenning was een eerste grote stap in de goede richting – terechte vreugde alom, bij zowel zorgverstrekkers als zorgbehoevenden. Het betekende immers dat klinisch psychologen rechtstreeks toegankelijk zijn voor patiënten, dat we zelf diagnoses kunnen stellen en het opstellen en uitwerken van een behandelplan volledig in handen hebben. De klinisch psycholoog als meester van de eigen expertise. Of toch niet?

Op 18 mei 2018 keurde de ministerraad een voorstel van minister van Volksgezondheid Maggie De Block (Open Vld) goed om een bezoek aan de psycholoog terug te betalen. ‘Door een tussenkomst te voorzien, hopen we dat de stap naar een psycholoog minder groot wordt’, zegt De Block aan Het Laatste Nieuws. ‘Uit onderzoek blijkt immers dat de Belg nu jaren wacht om hulp te zoeken.’ Het is goed dat er werk wordt gemaakt van een terugbetalingsregeling voor psychotherapie, waardoor de toegang tot deze zorg voor minder bemiddelden beter kan worden. Maar er wordt niet gesleuteld aan de regels voor een billijke prioritering en kwaliteitsborging. En die zijn even noodzakelijk omdat anders de drempels voor de meest zorgbehoevenden blijven bestaan. Bovendien zal de terugbetaling in het voorstel van de minister afhankelijk worden gesteld van een doorverwijzing door een huisarts of psychiater – iets waar niemand vragende partij voor is. Waarom moet de (huis)arts steeds betrokken worden in het verhaal van de geestelijke gezondheid? Het idee dat (huis)artsen beter in staat zouden zijn dan klinisch psychologen om inschattingen te maken over het geestelijke, is absurd. Mevrouw De Block, als u werkelijk pleit voor de volledige autonomie van de klinisch psycholoog als gezondheidszorgberoep, laat ons dan werkelijk autonoom zijn en vrijwaar ons (én patiënten) van de afhankelijkheid van anderen. Door terugbetaling van psychologische hulp afhankelijk te maken van doorverwijzing door een arts gaat u in tegen het idee van zuiver multidisciplinair werken en maakt u de stap naar een psycholoog minder klein dan u zelf denkt.

Het idee dat (huis)artsen beter in staat zouden zijn dan klinisch psychologen om inschattingen te maken over het geestelijke, is absurd.

De (schijnbaar) toenemende autonomie van de klinisch psycholoog gaat bovendien, en paradoxaal genoeg, gepaard met een financiële verarming. Hoe men het ook draait of keert, de middelen voor geestelijke gezondheid in België zijn schaars. Het budget voor de geestelijke gezondheidszorg wordt geschat op slechts 0.6% van het BNP – de Belgische overheid kan de schaarste vakkundig managen. Het resultaat mag er dan ook zijn: administratieve overlast neemt toe en werktevredenheid bij professionals daalt. Toch ziet het er niet naar uit dat de klinisch psycholoog, als kersvers gezondheidszorgberoep, de financiële vruchten van erkenning zal gaan plukken. In het nieuwe voorstel tot terugbetaling worden psychologen door de regering gevraagd om hun tarieven te verlagen. In het plan betaalt de patiënt 11 euro in plaats van 45, maar in realiteit werken psychologen gemiddeld aan een tarief van 60 tot 65 euro. Que?

Mevrouw De Block, op welke planeet leeft u als u vindt dat een toename in autonomie en verantwoordelijkheid gepaard moet gaan met financiële verarming?

Dit is bovendien niet de eerste maal dat er in de berichtgeving werd gesproken over nieuwe voorstellen die psychologen zullen raken in de portemonnee. De afgelopen maand kwam ook het nieuwe loonmodel, IFIC, in opspraak. Over dit loonmodel, waar er niet meer zozeer wordt gekeken naar diploma’s, maar eerder naar functies, hebben werkgevers en vakbonden jarenlang onderhandeld. Het nieuwe systeem zou een loonverlies van 10 tot 15% tot gevolg hebben in voorgestelde functies waar psychologen zich maar moeilijk in herkennen. Conclusie: de veranderingen die momenteel plaatsvinden betekenen dat zowel zelfstandige psychologen als psychologen die in loonverband werken het financieel met minder moeten doen, en dit in een land waar psychologen over het algemeen al gemiddeld 20% minder verdienen dan in de buurlanden. Mevrouw De Block, op welke planeet leeft u als u vindt dat een toename in autonomie en verantwoordelijkheid gepaard moet gaan met financiële verarming?

We zijn dan ook blij te lezen dat de verschillende beroepsverenigingen op het zachtst gezegd ontevreden reageren op de verschillende voorstellen, en dat diverse acties worden gepland. De Belgische GGZ is effectief in beweging, en de analyses vanuit de beroepsgroep zijn scherp en duidelijk. De GGZ heeft nood aan een nieuwe focus – één waarin de autonomie van de klinisch psycholoog effectief wordt erkend én gepaard kan gaan met financiële vruchten.

Steven Joris

Steven Joris is klinisch psycholoog (erkenningsnummer 901118073) en onderzoeker. Steven is werkzaam binnen het Psychodiagnostisch Centrum (Thomas More Antwerpen) en is tevens werkzaam als psychodiagnosticus op zelfstandige basis.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *